
Door Bas Augustijn
Het verenigingsgebouw De Wittenhorst heeft Halsteren in feite te danken aan de gemeente Eindhoven, die al meteen na de Watersnoodramp van 1 februari 1953 het zwaar getroffen Halsteren ‘adopteerde’. De hulp die na de ramp van alle kanten op gang kwam, was groot. Zowel vanuit het binnenland- als vanuit het buitenland.
De hulp bestond uit reddingsacties in de ondergelopen polders, de opvang van evacuees, het zo snel mogelijk sluiten van de stroomgaten, het droogmaken van de polders, de aanvoer van allerlei goederen, de bouw van huizen (zoals de Noorse en Zweedse woningen) en geld voor de bouw van onder andere het jeugdhuis Samarbete, twee Wit-Gele Kruisgebouwen (in Halsteren en Lepelstraat) en het verenigingsgebouw op het adres Schoolstraat 6.
De gemeente Eindhoven kwam na de ramp meteen in actie om Halsteren te helpen. In overleg met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten koos Eindhoven Halsteren uit voor ‘adoptie’. Er ontstond snel een Watersnoodcomité Eindhoven en op initiatief van mevrouw Henriette van Riemsdijk-Philips, dochter van Anton Philips, vertrok al kort na de ramp een konvooi Philips-voertuigen met hulpgoederen naar Halsteren.
Burgemeester Hans Kolfschoten van Eindhoven zei in een brief van 24 februari 1953 aan burgemeester Ton Elkhuizen van Halsteren: “Wij zullen u graag terzijde staan.” In het personeelsblad van Philips werd de volgende oproep gedaan: “Laten wij Eindhovenaren, die gelukkig gespaard zijn gebleven voor de ramp, individueel en in eendrachtige samenwerking, begrip tonen voor de moeilijkheden van de ontwrichte Halsterse gemeenschap en ons de nodige opofferingen getroosten om de schade volledig te herstellen!”

Na de ramp werden veel mensen uit de Halsterse en Lepelstraatse polders in Eindhoven opgevangen, stuurde die stad zelfs tuinmannen om het aanzien van Halsteren te verbeteren, overhandigde directeur Jacobs van de VVV Eindhoven op 4 december 1953 aan inwoners van Halsteren Sinterklaaspakketten en waren Eindhovense vertegenwoordigers nog jaren daarna in Halsteren present bij allerlei activiteiten die met de ramp en de herdenking ervan te maken hadden.
Zo waren bij de indrukwekkende herdenking van de ramp op 1 februari 1954 in Halsteren en Lepelstraat vanuit Eindhoven aanwezig wethouder B. van Lieshout, gemeentesecretaris B. van Elk, directeur gemeentewerken A. van Velzen en N. van Hussen namens het Watersnoodcomité Eindhoven. Gedeputeerde J. van Hasselt vertegenwoordigde hierbij het provinciebestuur.
Door een financiële injectie vanuit Eindhoven (30.000 gulden) kwam het verenigingsgebouw aan de Schoolstraat tot stand. Bij de opening ervan in 1956 was Charles van Rooy aanwezig die inmiddels Hans Kolfschoten als burgemeester van Eindhoven was opgevolgd. Na Eindhoven werd Kolfschoten burgemeester van Den Haag. Van Rooy was later nog een paar jaar minister en eindigde zijn loopbaan als commissaris van de Koningin in Limburg.

Voor de opening van het nieuwe verenigingsgebouw werd alles uit de kast gehaald. Zo traden die dag daar op fanfare Sint-Cecilia Eensgezindheid, het Halsterens Mannenkoor, de Lepelstraatse toneelgroep, fanfare Sint Antonius uit Lepelstraat en gymnastiekvereniging St. Martinus. Ook waren er diverse sprekers, waaronder uiteraard burgemeester Ton Elkhuizen en zijn Eindhovense collega Van Rooy. Die bood Halsteren een schilderij aan dat nog steeds in het verenigingsgebouw hangt. Ook het wapen van de gemeente Eindhoven herinnert hier nog aan de hulp vanuit de lichtstad.

Wat Eindhoven destijds voor Halsteren allemaal heeft gedaan is later nog eens uitvoerig toegelicht door Peter Trommar uit Eindhoven (behalve leraar aardrijkskunde ook amateurhistoricus), tijdens een lezing voor heemkundekring Halcherth.

Burgemeester Ton Elkhuizen toonde zich heel dankbaar voor deze hulp. In een interview met het Eindhovens Dagblad van 30 januari 1960 zei hij: “Eindhoven heeft meer dan een steentje bijgedragen.” En over het nieuwe verenigingsgebouw: “We zijn erg blij met dit gebouw waarin Halsteren verpozing kan vinden.”
Kritiek
Overigens waren tevoren niet alle inwoners van Halsteren gelukkig met de keuze om het geld uit Eindhoven voor een nieuw verenigingsgebouw te gebruiken. In het boek Zeven Eeuwen Halsteren staat op bladzijde 355: ‘Voor de bevolking was dit een teleurstelling daar men van de Eindhovense hulp meer voor de getroffenen verwachtte en niet alleen hulp voor het algemeen belang.’

Het verenigingsbouw werd na de opening al snel te klein. Antoon Heldens die als burgemeester Ton Elkhuizen was opgevolgd, sloeg zo’n tien jaar later de eerste paal voor uitbreiding van het complex dat als De Wittenhorst niet meer uit de Halsterse gemeenschap is weg te denken.