
Uit het boek “Blijft Gedenken“ van de Vereniging Heemkundige Studiekring Halsteren-Lepelstraat Blz. 220
Kort nadat het verwoestende water zijn gruwelijk werk had verricht, was er een man op Halsteren die, volgens de overlevering, op het idee kwam een monument op te richten. Dit monument moest de herinnering aan alle slachtoffers van de ramp levend houden. Hij gaf ook al aan welk materiaal gebruikt kon worden; het vele puin dat te vinden was in de polders. Wie die persoon was? Frits de Leeuw, bij de meeste Halsterenaren destijds beter bekend als microfonist bij diverse sportwedstrijden. Het idee vond geen weerklank; er kwam toen geen monument.

Begin jaren zestig van de vorige eeuw kwam er een nieuw initiatief tot stand in kringen van de Katholieke Arbeiders Bond (KAB). Piet van de Watering en Kees de Keijzer waren destijds de voortrekkers van die bond.
Men wilde een monument oprichten in 1963. Het monument zou moeten komen op de plaats waar voorheen het café “Het Wapen van Zeeland” van Piet Raats had gestaan. Waarom díe plaats? Het café van Piet Raats, vond men, had een belangrijke rol gespeeld als ontmoetingsplaats voor mensen uit de polder, dus zodoende.
Er werden diverse plannen ontwikkeld. Er werd een schets gemaakt van hoe het monument moest worden en een begroting erbij opgesteld. Een inzamelingsactie zou ƒ 3500,= moeten opbrengen om een monument te kunnen realiseren. Men startte de inzameling van gelden.
Al snel bleek toen dat niet iedereen zo enthousiast was voor de oprichting van een watersnoodmonument. De initiatiefnemers staakten de inzameling en het verkregen geld werd op een spaarbankboekje van de Boerenleenbank gezet. Het spaarbankboekje werd uiteindelijk overgedragen aan de Gemeente Halsteren. Lange tijd bleef het een ‘slapend’ fonds. Tot er begin jaren negentig van de vorige eeuw weer een initiatief werd ontwikkeld. Er zou definitief een monument komen dat voor de gehele gemeente een betekenis zou hebben.
Dit initiatie werd ontwikkeld door de plaatselijke overheid. Er werd een comité gevormd die plannen moest ontwikkelen, zodat er in 1993 over kon worden gegaan tot plaatsing van een monument. De financiering van het monument werd een zaak van de overheid. Maar wat te doen met het spaarbankboekje uit de jaren zestig? Het bedrag was niet voldoende voor het te plaatsen monument, maar het heeft er wel aan bijgedragen.
Het watersnoodmonument werd ontworpen en uitgevoerd door Léon Vermunt, die destijds schuin tegenover het Oude Raadhuis woonde en werkte.
Hier volgt zijn verhaal over het monument:
Het beeld stelt voor
Springende, woeste golven in verschillende richtingen, waar veel dreiging van uitgaat. Boven deze golven uit beuken twee allesvernietigende vloedgolven; deze staan symbool voor de vloedgolf die de dijkdoorbraken veroorzaakten en het Halsterse/Lepelstraatse polderland onder water zette.
De plaats van het beeld
Het beeld is geplaatst op een symbolische plek. Wanneer je bij het beeld staat, met je rug naar het Oude Raadhuis, dan kun je recht de Nieuwstraat in kijken; tot en met de onderste drie huizen in de Nieuwstraat heeft het water gestaan. Op deze wijze kan het wellicht tot de kijker doordringen hoe ernstig en bedreigend dat moet hebben aangevoeld.
Bij windkracht 9 of 10 en stormmelding is het mogelijk om de wind te horen fluiten, razen door de openingen van het beeld.
Tweede symboliek
De vormgeving van de golven heeft ook iets organisch; je kan het zien als een plantachtige groeivorm, wat wil zeggen dat dit symbool staat voor groei en wederopbouw na de watersnood.

Het herdenkingsmonument van de Halsterse kunstenaar Léon Vermunt in was.
De verschillende wassen onderdelen gaan in een mal, die na verhitting het was doet verbranden. In de holten die overblijven wordt brons gegoten. Vervolgens worden de delen aan elkaar vastgemaakt: het kunst werk ‘Mij belaagden onheilspellende stromen’.
Plaatsing van het kunstwerk op zijn sokkel
Het monument s in de jaren ‘10 gestolen. Op 29 januari 2013 is het monument teruggeplaatst op een iets andere locatie die minder vandaalgevoelig is. Het kunstwerk van Leon Vermunt staat daarmee net op tijd op zijn plek voor de herdenking van de Watersnoodramp komende vrijdag. Het originele monument van de hand van dezelfde kunstenaar werd gestolen.

Stroomgatzuilen:
In de regio ontstonden diverse diepe stroomgaten, plekken waar de dijk was doorgebroken en het water met grote kracht het land in stroomde.

Naast het monument zoals hierboven omschreven is op 23 mei 2019 een Regiosteen geplaatst uit het project stroomgaten, waarin alle stroomgaten gemarkeerd zijn. Deze steen dient als centraal punt en verwijst naar de locaties van de individuele markeringspaaltjes in de omgeving.
In het kader van het project ‘Stroomgaten Markering 1953’ zijn in Halsteren, net als op andere plekken in de regio, basalten zuilen geplaatst om te herinneren aan deze doorbraken. Stroomgatzuilen: In totaal zijn er 96 sobere, basalten zuilen geplaatst op locaties waar de dijken in 1953 doorbraken. Deze stroomgatzuilen, die de ernst van de situatie in 1953 zichtbaar maken in het landschap, houden de herinnering aan de Watersnood levend.
Voor de Halsterse situatie geldt dat de stroomgaten in de voormalige dijk langs de van Konijnenbergweg zijn gemarkeerd.
Voor de dijk in Halsteren geldt dat deze weliswaar doorgebroken is maar op een zodanige wijze dat geen stroomgat ontstaan is.
